Rev 160 | Blame | Compare with Previous | Last modification | View Log | Download
### Onderkant PACAS siloOm de actieve kool vanuit de silo naar de doseerunits te transporteren is er een transport systeem geplaatst tussen de silo en de twee doseerunits.Aan de onderzijde van de silo is een fluïdisatiebodem geplaatst en een ring met airpads. Deze dienen om lucht in de actieve kool te blazen om het transport op gang te brengen mocht bij het vullen van de doseerunits het materiaal niet op gang komen.Onder de fluïdisatiebodem is een plaatafsluiter geplaatst om de toevoer van actieve kool uit de silo te stoppen gedurende onderhoud van de onderliggende installatie of in geval van broei. Ook bij een langdurige stilstand wordt geadviseerd deze afsluiter te sluiten.<img src="../_resources/schuifafsluiter-silo-1.png" alt="schuifafsluiter-silo.png" width="769" height="492" class="jop-noMdConv">### PACAS silo broeiIn uitzonderlijke omstandigheden kan in de silo broei optreden. Dit wordt bewaakt met een 3-tal temperatuur sensoren en een CO2 en een CO meting.Bij broei zal een sterk verhoogde CO2 en CO waarde in de uitgestoten gassen in combinatie met een sterk verhoogde temperatuur in de silo een alarm geven.**Let op**: de aanwezige zuurstof in de silo bindt zich aan de actieve kool. Een verhoogde CO2/CO meting kan daarom regelmatig voorkomen, broei is alleen in combinatie met verhoogde temperatuur.> ⚠️ **Waarschuwing**> In geval van broei in de silo kan de silo gevuld worden met stikstof of water. Sluit voor het gebruik van stikstof of water om de broei te stoppen altijd eerst de plaatafsluiter onder de silo. Het niet sluiten van de plaatafsluiter zal de manchet onder de plaatafsluiter beschadigen bij het vullen en leiden tot lekkages van actieve kool in de PACAS ruimte.De broei kan gestopt worden door een brandslang op het watervulpunt aan te sluiten en op die manier de silo te vullen met water om de broei te blussen.Dit is een handmatige actie, het niveau in de silo moet nauwlettend in de gaten gehouden worden. Het overvullen van de silo zal het overstromen van de silo ten gevolg hebben waarbij water uit de filterunit stroom en het explosie-paneel open scheurt om ook hier de druk van het water af te laten.Het niveau in de silo kan in de gaten worden gehouden met een 3-tal niveau schakelaars, van hoog naar laag, 95345LS101, 95345LS102 en 95345LS103.Om de silo te vullen met water zonder het overbruggen of manueel openen van de vulklep 95345XV101, is er een extra afsluiter 95300HV110 voorzien bij het vulpunt. Dit is een handbediende afsluiter die met de hand geopend wordt nadat de water vulslang op het watervulpunt gekoppeld is.Dit vulpunt kan ook gebruikt worden om een sample te trekken van de laatste silovulling. Tijdens het vullen van de silo zal er een hoeveelheid materiaal in het watervulpunt vallen welke als sample afgetapt kan worden.<img src="../_resources/silo-vullun-1.png" alt="silo-vullun.png" width="281" height="424" class="jop-noMdConv">Er is ook een mogelijkheid om de silo te vullen met stikstof. Hiervoor dient aan de buitenzijde van het PACAS gebouw een batterij met 5 gasflessen aangesloten te worden. LET OP! Het gebruik van een reduceertoestel is absoluut nodig, vuldruk +/-2 barg echter nooit hoger dan 4,5 barg max!. De stikstof kan in de silo geblazen worden. Het is zaak dat de druk laag gehouden word. Bij een te hoge druk zal ook stikstofgas ontsnappen via de installatie (seals en reduceertoestellen) en in de PACAS ruimte ophopen. Tijdens vullen met stikstof is het belangrijk te ventileren en de zuurstof levels in het PACAS gebouw te meten alvorens de ruimte te betreden.### PACAS silo broei en PAIn de PLC van PACAS installatie wordt het broei-alarm bewaakt, gemeld op (lokale) HMI en wordt de optische en akoestische alarmering aangestuurd.De actuele alarm status wordt tevens, via profibus, naar het ABB DCS systeem gestuurd. Standaard staat het broei-alarm van de PACAS installatie op uit-bellen.De lokale alarmering bestaat uit een presentatie op de lokale HMI, aansturen flitslicht(en) en aansturen slow-hoop(s).Wordt het broei-alarm bevestigd, of lokaal of via ABB DCS, dan worden de slow-hoop(s) uitgeschakeld.#### Broei-alarm activatieHet broei alarm wordt actief indien De CO meting een HH alarm heeft (CO-HH) en de CO2 meting een HH alarm (CO2-HH) heeft, en 1 van de 3 temperatuur metingen in de silo een HH alarm heeft.Dit zijn de temperatuur metingen 95345TT101, 95345TT102 en 95345TT103, deze worden hier verder genoemd als TT101, TT102 en TT103. De CO meting heeft tag code 95345QT101 en wordt hier CO genoemd, voor de CO2 meting geldt dat deze tag code 95345QT102 heeft en hier CO2 genoemd wordt.In onderstaande figuur is in ladder vorm de voorwaarde voor het broei alarm weergegeven.Op de (lokale) HMI kan ieder HH alarm voor de broei detectie individueel uitgeschakeld worden. Voor het activeren van het broei alarm wordt het uitschakelen als volgt meegenomen.Indien of CO-HH of CO2-HH alarm wordt uitgeschakeld, dan wordt alleen de actieve meting gebruikt om broei te bepalen, tevens dient minimaal 1 van de drie temperatuur metingen actief te zijn.Zijn en de CO-HH en de CO2-HH alarmen uitgeschakeld, dan wordt broei alarm actief indien 1 of meerdere TT10x-HH alarm(en) actief worden.Ieder TT10x-HH alarm kan individueel uitgeschakeld worden, indien een TT10x-HH alarm is uitgeschakeld wordt deze niet meer gebruikt om het broei alarm te activeren.Indien TT101-HH, TT102-HH en TT103-HH uitgeschakeld zijn dan wordt het broei alarm alleen bepaald door de CO-HH en CO2-HH. Of door slechts 1 van deze twee alarmen indien de ander is uitgeschakeld.> ⚠️ **Let op**> Een verhoogde CO2/CO meting kan daarom regelmatig voorkomen, door binding van zuurstof in de silo aan de actieve kool. Met alle temperatuur alarmen uitgeschakeld zal het broei alarm dan ook minder betrouwbaar zijn, cq. vaker voorkomen (ten onrechte).De broei bewaking en alarmering is effectief uitgeschakeld indien alle 5 HH-alarmeringen zijn uitgeschakeld, het broei alarm zal NIET meer actief worden!Zijn alle HH-alarmen voor het broei alarm uitgeschakeld, dan wordt een alarm "Broei detectie uitgeschakeld" actief op de lokale HMI. Dit gebeurt indien de 5e HH-alarmering wordt uitgeschakeld, na acceptatie/herstel verdwijnt dit alarm. Het is bedoeld als extra waarschuwing dat de broei detectie is uitgeschakeld.Op het ABB DCS systeem wordt dit alarm alleen gemeld als een algemene verzamelstoring, en lost daar ook op na acceptatie/reset.Indien een individuele alarmering wordt uitgeschakeld wordt dit zichtbaar op het HMI display, en als alarm gemeld met als tekst "\[tagcode\] HH alarmering uitgeschakeld voor broei". Dit alarm is ook alleen actief zolang op het moment van het uitschakelen van een HH-alarm. Na acceptatie/herstel is dit alarm eveneens opgelost, zowel lokaal als op DCS.Voor bepaling van broei hebben de temperatuur HH-alarmen een hogere prioriteit dan de CO en CO2 metingen. Om deze prioriteit op te nemen in het broei alarm wordt dit alarm ook actief indien alle (beschikbare) temperatuur HH-alarmen actief en (nog) niet de CO en CO@ een HH alarm hebben. Of een temperatuur meting beschikbaar is wordt bepaald uit het paraat zijn van de meting (meetwaarde is geldig) en het niet uitgeschakeld zijn van HH-alarm gebruikt, zie onderstaande figuur.In onderstaande figuur is het broei alarm in combinatie met de uitschakelingen, en prioriteit van de temperatuur HH-alarmen, in ladder vorm weergegeven.### Lokale HMIHet broei alarm heeft een eigen tag code: 95300TK101, en wordt op het scherm van de silo zichtbaar, evenals de CO, CO2 en temperatuur metingen.Het uitschakelen van de HH-alarmen is beschikbaar op het instellingen scherm van de silo, te bereiken van het silo scherm met de >>> knop.Indien het broei alarm actief is geeft dit de alarmering zoals weergegeven in bovenstaande figuur.Uitschakelen van alle HH-alarmen voor de broei geeft de volgende alarmen, eerste scherm zijn de alarmen bij opkomst, het derde scherm hieronder geeft de situatie na een acceptatie/herstel. In het tweede scherm is de situatie weergegeven van het silo overzicht.